Geschiedenis

Prehistorie

Vooraleer onze groep in 1941 echt van start ging, had hij al een woelige voorgeschiedenis achter de rug. Een nieuwe scoutstroep oprichten is immers niet zo vanzelfsprekend! Het was reeds in het jaar 1937 dat er voor het eerst gesproken werd over een "Don Bosco-troep". In de grote vakantie van dat jaar werd die dan ook gesticht, als 6de van Sint-Niklaas. E.H. Bruyninckx was aalmoezenier en Raymond De Meester de eerste master. Na enkele maanden werking zag men echter geen toekomst voor deze troep en hij werd dan ook ontbonden.

Het jaar daarop, in 1938, werd door aalmoezenier E.H. Van Wymeersch en master Loe Orban een nieuwe poging ondernomen onder de naam "Joe English-troep". Reeds na een maand kreeg deze jonge troep een nieuwe aalmoezenier; E.H De Kesel. Omdat de Joe English-troep nog geen lokaal gevonden had, begon deze aalmoezenier te dromen van een eigen heem en hij vatte het vermetele plan op het zelf te bouwen, op Puitvoet. De koe werd bij de horens gevat en ook de vooroorlogse troebelen konden deze enthousiastelingen niet stoppen. Een paar uur voor de oorlog uitbrak, mei 1940, was de blokhut van Puitvoet af, maar er was geen leiding meer! Die was gevlucht naar Frankrijk! De achtergelaten verkenners gingen naar de Sint-Joristroep. De aalmoezenier bleef alleen achter en opnieuw werd troep 6 van het District Waas ontbonden.

Willy Van Den Bossche Toen het stadsbestuur een soort van vakantiewerking (vergelijkbaar met huidige VP-werking) opstartte voor de behoeftige kinderen tijdens de oorlog was het opnieuw E.H De Kesel die het voortouw nam. Samen met scouts van de Kristus-Koningtroep liet hij vele kinderen - vooral in de stadsschool aan de Meesterstraat -proeven van scouting en hij noteerde hun adressen. Ondersteund door de toenmalige districtsleiding herstichtte hij, samen met leiders uit Sint-Joris en met als master Leon Waterschoot, de Don Bosco-troep. We bleven de 6de troep van Sint-Niklaas, ook al waren ondertussen nog andere troepen gesticht en ons dus eigenlijk voor!

Het eerste wat deze nieuwe volksgroep te doen stond was natuurlijk leden werven. Met de ons welbekende en -beminde rood-zwarte das rond de hals gingen master Waterschoot en zijn assistenten Gilbert Beirnaert en José De Wit op jacht met de adressenlijst van E.H De Kesel als kompas. Met 7 sloten ze aan: Willy Wauman, Pierre Vijlders, José van Ranst, Etienne van den Eynde, Antoon Morel en Edmond en Robert Heymans; de eerste leden van Don Bosco!

1941 - 1946: DE PIONIERSJAREN

Het gebrek aan activiteiten tijdens de oorlog had de scoutsgroepen doen bloeien zodat na de oorlog met fierheid kon worden uitgepakt. De consumptie- en gemakkelijkheidsmaatschappij stak echter vlug de kop op zodat alle jeugdverenigingen een periode van stagnering en zelfs van achteruitgang moesten doorworstelen. Ook financieel kon de groep zich in deze periode, en na de bouw van de blokhut, niet zelf bedruipen, wat creatief opgelost werd door tombola's en allerlei andere ludieke en ernstige activiteiten die geld in het laatje moesten brengen.

In 1948 wordt André Bayer master, opgevolgd in 1950 door Edmond Heymans, die tot 1966 (!) groepsleider zal blijven, slechts 1 jaar onderbroken door de aflossing door Johan Waterschoot (1964). Onder zijn bewind zal onze groep langdurig het beste van zichzelf laten zien, vaak bekroond met eerste prijzen in tal van heemwedstrijden zoals die toenmaals door het district, gouw en zelf het verbond georganiseerd werden. Na "Mon" kwam Etienne van den Bossche (1966-1970) en hij werd voor 1 jaartje opgevolgd door Paul van Heysbroeck. In 1971 kwam dan Mathias Pieters voor 3 jaar aan het roer te staan, in een woelige fase van ons bestaan!

Want niet alles was echter altijd rozegeur en maneschijn. Zoals iedere jeugdbeweging kende ook onze groep hoogten en laagten, groei en inkrimping, meevallers en tegenslagen. Maar misschien wel de grootste tegenslag uit onze geschiedenis situeert zich hier en luidt het einde van een periode in, en het begin van een nieuwe:

1972 - 1980: EEN NIEUW LOKAAL

Na meer dan 20 jaar werking in de blokhut werd de grond waarop die gebouwd was onteigend door de Commissie van Openbare Onderstand. (Pas in 1990 zou de blokhut daadwerkelijk ook afgebroken worden!) Er moest, contractueel, door een schatter en bedrag vastgesteld worden dat ten goede zou komen aan de groep. Na heel wat tussenkomsten van Meester Truyens werd gerechtelijk bepaald dat het bedrag zou worden uitbetaald. Hierdoor werd het voor de groep mogelijk om aan te vangen met de bouw van een nieuw lokaal. Maar de vergoeding was verre van voldoende om een lokaal met dezelfde speelruimte te bouwen.

Toen werd een ouderpatrouille en een V.Z.W. (april 1969) opgericht die mee zouden instaan voor de verschillende activiteiten die de groep financieel zouden kunnen vooruithelpen. Er werd ook geld geleend, zonder intrest. Met het plan van oud-leider Lode Aerts onder de arm begonnen de scouts aan de funderingswerken op 27 juli 1972. In samenwerking met de ouders en onder impuls van de toenmalige groepsleider Mathias Pieters en Aalmoezenier E.H. Meerschaert slaagde men erin om ter gelegenheid van de "laattijdige" viering van het dertigjarig bestaan de "eerste steen" te leggen op 10 september 1972. Gedurende een vol jaar werkte men rustig verder en op 2 september 1973 werd het nieuwe lokaal in gebruik genomen. Dit ging gepaard met groots opgevatte "blokhutfeesten".

Ook in de komende jaren zouden weer veel activiteiten moeten georganiseerd worden om geld in het opnieuw lege laatje te brengen, terwijl achtereenvolgens Paul Grisar (1974-1977) en Raf De Kerf (1977-1980) de groep verder door de jaren '70 loodsen. In de eerste helft van dit decennium gaat ook onze kapoenenwerking van start en in 1978 gaat de oudste tak voor het eerst op buitenlands kamp, naar Bretagne. Een ervaring die vanaf dan elke verkenner 1 maal (=om de 3 jaar) zal te beurt vallen.

1980 - 1995 : LOON NAAR WERKEN

De inspanningen van het verleden beginnen zich nu volop te tonen. De groep zit weer zonder zorgen in een eigen heem en ook op financieel gebied komt er licht aan de horizon. Groepsleider Laurent Heyman (1980-1986) kan met een krachtdadige leidingsploeg de nadruk leggen op de activiteiten en de inhoud van de werking, zonder al te veel beslommeringen. Onder zijn bewind start de traditie van de jaarlijkse barbecue bij de overgang. Ook het tentenpark van de groep wordt danig uitgebreid of vernieuwd. Het ledenaantal stijgt gestaag, zelfs zo zeer dat op een bepaald moment (50 jongverkenners!) aan een extra tak gedacht moet worden.

De groep staat in volle bloei, ook wanneer in de personen van Peter van de Capelle en Marleen Rombaut (1986-1990) scouts van buiten de groep aan het hoofd komen te staan. Zij bouwen verder op het DoBo-typische pad met uiteraard ook meer exotische inbreng, zoals bijvoorbeeld de ouderavond in de stadsschouwburg. Deze avond kaderde in het ruimere thema "We Hebben Het In De Ramen", waarmee geld opgehaald werd om het lokaal eens van nieuwe ramen te voorzien.

In deze opgefriste lokalen sloot Jo Hebbinckhuys (1989-1990) dan de eighties af. Zijn afgebroken termijn werd overgenomen door Christiaan de Beer (1990-1995), die vanaf 1992 de verantwoordelijkheid deelde met Maritta Van Bogaert (1992-1995). Het was onder Chris De Beer dat de DoBo 2daagse zoals die nu ook nog bestaat (vrijdagavond: kwis of iets anders, zaterdag: eerst volley- later minivoetbaltoernooi en spaghettifestijn) vorm kreeg. In deze jaren '90 begint de groep echter ook het effect van het steeds breder wordende aanbod van activiteiten / speelgoed / sport / lessen voor kinderen te voelen. Ook het steeds uitzonderlijker worden van een niet gemengde werking - nu ook de scholen steeds meer gemengd worden - doet soms vragen rijzen omtrent de toekomst van de groep.

In de jongste takken begint het ledental nietsvermoedend te dalen.

1995 - 2000: NIEUWE UITDAGINGEN

Wanneer Ivo De Pauw en Marnix Vanhemel (1995-1998) aan hun termijn beginnen, is het ledenaantal al aanzienlijk gedaald. Ondanks tal van wervingsinspanningen en blijvende kwaliteit op de vergaderingen en kampen komen er geen nieuwe leden bij.

Een tweede heikel probleem voor dit duo vormt de bouw van een kinderdagverblijf op ons speelplein in de Tulpenstraat. Op dat plein werden de meeste van onze spelnamiddagen gespeeld en ook het jaarlijkse overgangsparcours werd daar opgesteld. De groep voelt zich gepasseerd en probeert alsnog door middel van gericht protest de bouw tegen te houden. Zo wordt onder andere een heus kampterrein op het speelplein opgezet. De zaak was echter reeds al lang beklonken en het enige resultaat was een verzuring van de relatie van de groep met de parochie. Via de V.Z.W krijgt de groep toestemming om op de hof van de pastoor te spelen en overgang te houden.

In 1998 erven Tom Luyckx en Steven Vanhaute (1998-2001) dan een aanzienlijk verzwakte groep: het ledental zit op een heus dieptepunt en het blazoen in de parochie dient opgepoetst. Alleen dankzij de niet aflatende inzet van een overdaad aan leiding (een erfenis uit de betere tijden!) kan Don Bosco zijn leden blijvende kwaliteit aanbieden en zijn geappreciëerde rol in het Sint-Niklase scoutsleven blijven spelen.

Op financieel gebied gaat het echter nog steeds voor de wind en de groepsleiders besluiten dat het tijd is om eens in veiligheid te investeren en ze laten in 2000 de electriciteit opnieuw leggen en een nieuwe houten plafond steken.

Wervingsacties brengen al die jaren weinig zoden aan de dijk en de ledenmalaise bereikt de oudere takken. Weerom komt de vraag of we niet beter gemengd zouden gaan in de achterhoofden op.

2000 - 2001 : DE KENTERING ?

Tot een groots opgezet en strategische voorbereid wervingsweekend de zon opnieuw op onze jongste takken doet schijnen. Verkenners en jongverkenners moeten waarschijnlijk nog door de steeds verder oprukkende magere jaren heen, maar onze kapoenen- en welpentak tellen weer elk meer dan 20 leden. De leidingsploeg is terug tot normale proporties herleid. Sven Stuer springt de groepsleiding al een jaartje bij als assistent. De Ouderpatrouille trekt weer nieuwe ouderparen aan. Zelfs de V.Z.W. is aan een inhoudelijke en persoonlijke verjongingskuur begonnen.

Met man en macht, oud en jong is aan deze 60jaar-viering gewerkt. En wat de nabije toekomst betreft, wordt er nu al gretig uitgekeken naar het groepskamp, van 2 tot 12 augustus 2001; een unicum in het bestaan van onze groep en het belooft een heel speciale belevenis te worden.

Zo ziet u dat uw groep niet bang is van vernieuwing of herbronning. Dat hij ook in moeilijke tijden het hoofd koel houdt en gewoon verder timmert aan de reeds door velen voor ons bewandelde weg. En zo komt het dat - en dit maakt de cirkel van ons 60jarig bestaan rond - op zondag 7 januari 2001 een groep Don Bosco-scouts, misschien niet de grootste ooit, maar wel allemaal echte DoBo?s!, die tocht van exact 60 jaar eerder overdeed, te voet van het stadhuis naar de blokhut op Puitvoet.

Een groep met gezonde en diepgewortelde tradities, toch mee-evoluerend met zijn tijd, die jaarlijks, naast de wekelijkse topactiviteiten, de sfeervolle weekends en het onvergetelijke kamp tal van andere activiteiten organiseert, voor leden, ouders, sympathisanten, iedereen: in 2000-2001: overgangsBBQ, afscheidsfeestje voor afscheidnemende leiding, dropping voor Ouderpatrouille en Oudleiding, Ontspanningsweekend voor Leiding en Jong-Oudleiding, DoBo-Rock, Bingo-avond voor de parochie, DoBo-Quiz, 60 Jaar Feest, Voetbaltoernooi en Fietsrally! Leve Don Bosco, Don Bosco leeft!

ENKELE BELANGRIJKE PERSONEN

De Groepsleiders:

Buitenlandse Kampen: